Is aandrang-incontinentie bij ouderen straks te voorkomen?

Is aandrang-incontinentie bij ouderen straks te voorkomen?

Veel ouderen zijn hun blaas en/of darmen niet meer de baas. Hun plas of ontlasting komt op ongeschikte momenten en daardoor op ongeschikte plaatsen. De oorzaak zit hem in kleine beschadigingen in de hersenen. Bij gezonde hersenen houdt een controlemechanisme het al dan niet plassen of poepen onder controle. Als gevolg van de hersenbeschadigingen werkt dit mechanisme niet meer. Ook het zomaar laten lopen van ontlasting kan een gevolg zijn van het niet meer goed functioneren van dit mechanisme. Momenteel wordt in Brisbane (Australië) wetenschappelijk onderzoek verricht met als doel na te gaan of met kunstmatige stimulatie in de hersenstam dit gebrek aan controle kan worden gecompenseerd. De Continentie Stichting Nederland heeft geld gedoneerd om dit soort onderzoek mogelijk te maken. Als dit onderzoek ertoe leidt dat in de toekomst aandrang-incontinentie kan worden tegengegaan, is dat belangrijk voor de kwaliteit van leven van honderdduizenden ouderen. Het is ook van belang voor terugdringen van kosten van de gezondheidszorg. De jaarlijkse kosten van aandrangs-incontinentie in Nederland worden geschat op 4 miljard euro.

Nadere uitleg

Globaal kennen we twee soorten incontinentie:

– stress-incontinentie en

– aandrang-incontinentie

Soms komen deze in combinatie voor.

 Bij stress-incontinentie zit het probleem in de omgeving van de bekkenbodemorganen, zoals aandoeningen van de afsluitspieren van de blaas en het rectum, bijvoorbeeld ten gevolge van niet helemaal optimaal verlopen bevallingen. Stress-incontinentie komt daarom meer bij vrouwen voor dan bij mannen. (Opmerking: stress heeft in dit geval te maken met druk op de spiergroepen van de bekkenbodem. Het heeft niets te maken met psychische stress.)

 Bekijk dit filmpje voor een uitleg over Aandrang (urge)-incontinentie. Aandrang (urge) -incontinentie daarentegen, komt bij vrouwen en ook veel bij mannen voor en vooral bij ouderen.  Reden van aandrang- of urge-incontinentie is dat urineren in zeer sterke mate geregeld wordt door de hersenen. Wij hoeven niet onmiddellijk te gaan plassen op het moment dat de blaas enigszins gevuld raakt met urine en we aandrang voelen. Dankzij onze hersenen kunnen wij plassen uitstellen tot een moment wanneer dat wél kan, bijvoorbeeld tot het moment dat wi op de WC zijn. Hetzelfde gaat op voor poepen.

 Hersenen en blaas - Bij het urineren trekt de blaas samen, en ontspant tegelijkertijd de spier die de blaasafvoergang afsluit, zodat de urine naar buiten afgevoerd kan worden. Deze combinatie van activiteiten wordt geregeld vanuit een centrum in de hersenstam, genaamd “pelvic organ stimulating center” (POSC). De POSC onderhoudt directe vezelverbindingen met het onderste deel van het ruggenmerg, van waaruit de bekkenorganen, waaronder de blaas, worden aangestuurd. Zonder POSC is normaal urineren onmogelijk. Dat is de reden dat bij patiënten met een dwarslaesie van het ruggenmerg allerlei technieken moeten worden toegepast om de urine uit de blaas te laten gaan. Aangezien de POSC ook de seksuele activiteiten aanstuurt, zijn de grootste klachten van de dwarslaesie-patiënten niet zozeer dat ze niet meer kunnen lopen, maar dat ze niet meer kunnen urineren of seks hebben.

Illustratie Gert Holstege

Nu wel/niet - De POSC in de hersenstam wordt op zijn beurt aangestuurd door het periaqueductale grijs (PAG). Dit bevindt zich in de middenhersenen. Dit PAG krijgt vanuit de blaas, via het ruggenmerg, continu informatie over hoeveel urine zich in de blaas bevindt en over de inhoud van het rectum. Het PAG beslist op basis van deze informatie of de blaas of het rectum moet worden geleegd door plassen (urineren), hetzij poepen (defeceren). Gelukkig krijgt het PAG niet alleen informatie uit de bekkenorganen zelf. Het krijgt ook informatie uit de grote hersenen en met name uit het middengedeelte van de prefrontaal cortex. Dit bevindt zich in het voorste hersengedeelte, net achter de bovenkant van de neus. Dit hersendeel bepaalt op basis van binnenkomende informatie van andere hersendelen of plassen of poepen op dat moment mogelijk is. Staan de omstandigheden waarin de persoon zich bevindt toe om deze activiteiten te ontplooien? Bevinden wij ons op de WC of niet? Zo niet, dat krijgt het PAG als signaal van het prefrontaal cortes: “nu niet”. Zo ja, dan wordt het signaal: “nu wel”. Bij vele ouderen ontstaan in de hersenen heel veel zeer kleine bloedingen. Deze kunnen de boodschap “nu niet” of “nu wel” letterlijk onderbreken. In het geval geen informatie uit de prefrontaal cortex meer binnenkomt, besluit het PAG alleen op basis van de informatie over de hoeveelheid urine in de blaas of de hoeveelheid poep in het rectum of het POSC geactiveerd moet worden. Dan leidt een kleine hoeveelheid urine in de blaas al tot urineren, zonder dat er rekening wordt gehouden met de omstandigheden waarin het individu zich bevindt. Dit is de oorzaak van de aandrang-incontinentie. Stimulatie in de hersenstam zou dit kunnen compenseren.

Bron: artikel Prof. dr. Gert Holstege. Bekijk dit filmpje voor een uitleg door Prof. dr. Gert Holstege

Prof. dr. Gert Holstege

The University of Queensland, Centre for Clinical Research, 
Herston Qld 4006, Australia

© 2016 Continentie Stichting Nederland  |  Disclaimer Contact